Aankomst in Harwich
Na een goede nachtrust werden we rond 4:45 uur Engelse tijd gewekt door de boegschroef van het schip. We waren dus goed op tijd wakker voor de reis van Harwich naar Keswick. Half slaperig trokken we allerlei verkeerde conclusies toen we zagen dat de boot naar ons idee veel te vroeg al voor de wal lag. Het bleek dat de verwachte aankomsttijd van 6:30 uur gold voor de personenauto’s en voetpassagiers. Vrachtwagens konden bijna anderhalf uur eerder al van boord rijden.
Om half zes werd er omgeroepen dat het restaurant geopend was voor ontbijt. We liepen naar beneden, leverden ons bonnetje voor de maaltijd in en kregen een heerlijk ontbijt opgeschept. Terwijl we dit opaten voor een van de ramen aan de voorkant van het schip konden we de bedrijvigheid bij het ontschepen van de vrachtwagens en trailers goed volgen.
Rond kwart over zes werden alle autopassagiers gemaand terug te gaan naar hun auto’s en te wachten op instructies. Nadat we onze spullen hadden ingepakt verlieten we de hut en liepen via het trappenhuis omlaag van dek 10 naar dek 3, waar we de auto aantroffen. Niet lang daarna reden we van boord en sloten aan in de rij voor de Britse douane.
Zowel het inschepen in Hoek van Holland als het ontschepen vanmorgen in Harwich verliepen buitengewoon goed georganiseerd en soepel. Kwestie van routine waarschijnlijk, maar zeker ook noodzakelijk. De boot zou rond 9:00 uur vanochtend terugvaren naar Hoek van Holland, dus de beschikbare tijd voor lossen en laden van de voertuigen was beperkt.
Van Harwich naar Peterborough
De grenspassage veroorzaakte weinig oponthoud. De douanebeambte was bijzonder vriendelijk en stelde enkele gebruikelijke vragen tijdens de controle van de paspoorten. Daarna wenste ze ons een fijne vakantie en konden we verder rijden. De beambten die belast waren met controle van bagage pikten de Duitser die voor ons reed uit de rij en lieten ons passeren. Wij mochten ongehinderd het haventerrein af en begonnen aan de lange rit van Harwich naar Keswick.
Het was prachtig weer en de zon kwam achter ons op terwijl we de eerste mijlen over Engels grondgebied aflegden. De route voerde eerst in de richting van Colchester door licht glooiend akkerland met hier en daar wat bomen.
Bij Colchester draaiden we naar het noorden en reden over de A14 via Ipswich en Bury St. Edmunds naar Cambridge, waar we deze keer aan voorbij reden zonder iets bekends van de stad te zien. De volgende grote stad was Peterborough waar we even van de weg afgingen. We tankten benzine bij Peterborough Services, maakten een toiletstop en haalden koffie bij Costa.
Van Peterborough naar East Layton, Richmond
Na de tussenstop reden we verder. De weg ging voorlopig alleen in noordelijke richtingen. Het eerste deel reden we over een A-weg. Deze was ‘gewoon’ vierbaans en de maximumsnelheid was er 70 mijl per uur. Het enige verschil met een snelweg was dat er tractoren en fietsers mochten rijden en dat sommige zijweggetjes rechtstreeks aansloten op de doorgaande weg, wat voor Nederlandse begrippen enigszins bijzondere omstandigheden zijn.
Het landschap was afwisselend. Delen met bossages en op het oog natuurlijke begroeiing werden afgewisseld met cultuurlandschap. Enorme percelen koolzaad stonden langs de hele route te bloeien en de gaspeldoorn voegde daar een extra accent in geeltinten aan toe.
Bij Scotch Corner gingen we van de M1 af en draaiden de A66 op die ons verder naar het westen zou brengen. Kort nadat we de A66 opgereden waren, zagen we Mainsgill Farm Shop aan de linkerkant van de weg liggen.
We besloten hier te stoppen voor toiletbezoek en om even rond te kijken in de enorme winkel die we op een eerdere vakantie ook al eens hadden zien liggen. Dit bedrijf bleek ons begrip van een boerderijwinkel of landwinkel ver te overtreffen. In de uitgestrekte zaak was van alles te koop. Veel etenswaren, waaronder grote afdelingen met versproducten, maar daarnaast ook allerlei snuisterijen voor in en om het huis.
Er waren enorm veel mensen in deze winkel. Het was zoeken naar een plekje op de parkeerplaats en binnen werd er druk gesnuffeld en veel gekocht. We bezochten het toilet en kochten een kleinigheid. Gezien de enorme wachtrij voor de cafetaria besloten we onze lunch uit te stellen tot we in Keswick zouden zijn.
Van Richmond naar Keswick
We reden verder over de A66, die geleidelijk wat steeg en langs het noordelijk deel van de Yorkshire Dales liep. Daar zagen we de bekende elementen: stenen muurtjes tussen de percelen, overal schapen en veel lammetjes in het land en boven het cultuurland kale bruine heidevelden.
Daarna daalde de weg vrij snel af in de richting van Brough waarna we over het lagergelegen landbouwgebied verder reden naar Penrith. Daar staken we de M6 over en begonnen aan de laatste mijlen naar Keswick. De lucht, die de hele dag veel blauw had laten zien, begon nu te betrekken en even later regende het.
Door de regen, die een buiig karakter had, reden we naar Keswick waar we niet meteen een parkeerplaats vonden. Op deze zaterdagmiddag was het erg druk en diverse parkeerplaatsen waren tot de laatste plaats gevuld met auto’s. Uiteindelijk vonden we een plekje op Bell Road Car Park, waar we de auto achterlieten en op pad gingen om Keswick te verkennen.
Keswick
Van de parkeerplaats was het een paar minuten lopen naar Main Street. Het begon weer een beetje te regenen en we besloten eerst te lunchen. In The Bank Tavern serveerden ze een prima tomaten-basilicum soep met versgebakken brood. Na de lunch was het droog en liepen we over de markt en door de straten van Keswick.
Keswick is de belangrijkste plaats in dit deel van het Lake District en vervult een centrumfunctie. Er waren veel winkeltjes en zowel de markt als de winkels hadden over belangstelling niet te klagen.
St John’s Church Keswick
We liepen de winkelstraten uit en gingen in de richting van de kerk. Meteen werd het veel rustiger met wandelaars en ander verkeer, hoewel er wel overal mensen liepen en Keswick nergens verlaten of stil aandeed.
St John’s Church, een negentiende eeuws kerkgebouw bleek open te zijn. We liepen er even naar binnen en keken rond. In het koor zagen we het orgelfront en een fraaie raampartij tegen het oosten.
Nadat we de kerk bekeken hadden liepen we terug door de straatjes van Keswick tot we bij de auto waren.
Booths en de Pack Horse Inn
We gingen boodschappen doen bij Booths, de supermarkt die in deze regio actief is en zich presenteert als een winkel waar veel regionale producten worden verkocht. Het bleek inderdaad een supermarkt te zijn die afweek van de grote landelijke supermarkten door een ander assortiment, met veel producten van een hogere kwaliteit dan gemiddeld.
We deden onze inkopen en daarna reden we terug naar een van de parkeerplaatsen, waar het nu veel rustiger was. We liepen het centrum in en zochten een pub waar we zouden kunnen eten. Dat was niet heel moeilijk, er waren pubs en restaurantjes genoeg in Keswick. Min of meer willekeurig kozen we voor de Pack Horse Inn, waar ze een lekker dinertje kookten.
Van Keswick naar Keskadale Farm
Na het eten gingen we op pad naar ons onderkomen voor de volgende twee nachten. We reden Keswick uit naar Portinscale en vandaar naar het zuiden richting Newlands Pass. De bebouwing van Keswick en omgeving lieten we al gauw achter ons en we reden over een smal weggetje richting Keskadale.
Na een aantal mijlen over steile hellingen en door scherpe bochten bereikten we Keskadale Farm, een boerderij aan de kant van de weg. Op de verdieping van de vleugel van het gebouw namen we onze intrek in Oak Cottage, een gerieflijk huisje, waar we het de komende nachten wel uit zouden kunnen houden.
Het was een mooie dag!



